-s- - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Huidig bestand
10.122
Uitspraak
Woordafbreking

Invoegsel

-s-

  1. (taalkunde) affix dat tussen twee delen van een samenstelling geplaatst wordt
    Hierdoor worden de twee delen van een woord op toepasselijke wijze met elkaar verbonden. Het kan duiden op een bezitsrelatie en is historisch gezien verwant aan de genitief. De spelling kan die van de meervoudsvorm volgen, als er slechts één meervoudsvorm is; in de spellingregels die tot 1996 golden kon ook een rol spelen of de betekenis op meerdere exemplaren van het eerste deel betrekking had.
    • Bakker + room → bakkersroom.
    • Beroep + ethiek → beroepsethiek.
    • Rijkelui + zoontje → rijkeluiszoontje.
Synoniemen

Meer informatie

Verwijzingen

Deens

Huidig bestand
163
Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «ejendom + mægler → ejendomsmægler»
    huisagent

Duits

Huidig bestand
61
Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «Abfertigung + Halle → Abfertigungshalle»
    luchthaventerminal, vertrekhal

Engels

Huidig bestand
1
Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «spoke + man → spokesman»
    woordvoerder

IJslands

Huidig bestand
2
Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «arbeid + bluse → arbeidsbluse»
    werkblouse

Noors

Huidig bestand
821
Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «arbeid + bluse → arbeidsbluse»
    werkblouse

Nynorsk

Huidig bestand
359
Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «oppdrag + givar → oppdragsgivar»
    opdrachtgever, opdrachtgeefster