abces - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord abces abcessen
verkleinwoord abcesje abcesjes

Zelfstandig naamwoord

het abces o

  1. (medisch) een ophoping van pus in het lichaam, daarbij een onnatuurlijke holte vormend
    • Als je door een lokale ontsteking niet meer kunt slapen is er meestal sprake van een abces.
    • Als een abces doorbreekt is de pijn meestal direct verdwenen.
    • De behandeling van een abces is incisie en drainage.
      Jonge zeehonden: Ollie en Brandy zijn allebei nog jonge zeehonden. Ollie werd half januari gevonden op Schiermonnikoog, pas tien dagen oud, met een abces op zijn rug. Brandy kwam begin maart van Terschelling, met diepe wonden aan zijn flippers. Beiden waren na weken van verzorging gisteren weer fit genoeg om terug te keren naar zee. Ze werden uit hun bassin in Pieterburen gehaald, in kisten gedaan en naar Lauwersoog vervoerd. Vanaf daar voeren ze met de boot naar een zandplaat bij Schiermonnikoog.[3]
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

1. een ophoping van pus in het lichaam, daarbij een onnatuurlijke holte vormend

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "abces" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. abces op website: Etymologiebank.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 20 april 2025 Weblink bron “Pieterburen is echt (bijna) leeg na vrijlating Ollie en Brandy” (20 april 2025), NOS
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be