verplegen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
verplegen verpleegde verpleegd
zwak -d volledig

Werkwoord

verplegen

  1. overgankelijk (medisch) een zieke verzorgen
    • Hij verpleegde zijn vrouw toen zij bedlegerig werd.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be