antraciet - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord antraciet
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

antraciet o m [3]

  1. een vorm van steenkool die sterk verhit is geweest
  2. (kleur) zwartgrijze kleur
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen antraciet antracieter antracietst
verbogen antraciete antracietere antracietste
partitief antraciets antracieters -

Bijvoeglijk naamwoord

antraciet

  1. zwartgrijs
Vertalingen

1.

Engels: anthracite (en) Spaans: antracita (es)

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "antraciet" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. antraciet op website: Etymologiebank.nl
  3. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be