baby - WikiWoordenboek (original) (raw)

Een baby [1]

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord baby baby's
verkleinwoord baby'tje baby'tjes

Zelfstandig naamwoord

de baby m

  1. een mens in de allereerste fase van zijn/haar leven na de geboorte, meestal tijdens het eerste levensjaar
    • Een kind jonger dan één jaar noemen we een baby.
      Hij keek naar een jonge vrouw met een baby op schoot.[2]
      De olieverfschilderijen hebben titels als: Stilleven van gifzwammen, De vrolijke chimaera en Mama's duivelskinafie (een afbeelding van een huilende baby wiens rood aangelopen gezicht een angstaanjagende gelijkenis vertoont met een demonisch wezen).[3]
  2. een klein voorwerp, klein zoals een baby in relatie toe een volwassene, baby-
    • De satelliet had een babyfoto gemaakt van het heelal.
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

1. een mens in de allereerste fase van zijn/haar leven

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "baby" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. All-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht op Wikipedia, ISBN 90-229-9182-2

  3. Safae el Khannoussi
    “Oroppa” (2024), Uitgeverij Pluim op Wikipedia, ISBN 9789493339125
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Engels

Naar frequentie 883
Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
baby babies

Zelfstandig naamwoord

baby

  1. baby, zuigeling
  2. een klein voorwerp, klein zoals een baby in relatie toe een volwassene
  3. (troetelnaam), (informeel) lieverd, schat, schatje
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

baby m

  1. (spreektaal), (voetbal) tafelvoetbal
    «On se fait un baby
    Gaan we tafelvoetballen? [1]

Verwijzingen

  1. Wouw, Berry van de, Woordenboek populair Frans - Nederlands. Woordenboek van het Frans dat u op school nooit leerde, 2e druk, Breda: Uitgeverij Arti-Choc, 2014; p. 19