bar - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bar
Woordherkomst en -opbouw
- [A] van Engels bar [1] [2]
- [B] van Grieks βάρος (baros): gewicht [3] [4]
- [C] van Aramees בַּר zn (bar) "zoon, kind" [5]
- [D] erfwoord, via Middelnederlands bar van Oudnederlands bar, in de betekenis van ‘naakt’ voor het eerst aangetroffen in 820 [6] [7] [8]
| [A] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | bar | bars |
| verkleinwoord | barretje | barretjes |
Zelfstandig naamwoord
- (horeca) (bouwkunde) plaats waar de gasten drank kunnen bestellen en nuttigen aan één kant van een langgerekte hoge toonbank, met bediening vanaf de andere kant
▸ Een paar dagen later kwam ik Goldie, Pogue en de rest weer tegen aan de bar in het bergdorpje Wrightwood.[9]
▸ Volle eettafels, barretjes waarop talloze glazen stonden, de lachende gezichten van Max en Dennis. . . Geschrokken knipperde ze met haar ogen.[10] - (horeca) (bedrijf) gelegenheid waar men drank kan bestellen en nuttigen
▸ Op 22 juli 1988 moeten we elkaar weer ontmoeten in deze bar.[11]
Synoniemen
- [1] toog zn
- [2] kroeg, café zn
1. Langgerekte dubbele bar in de Heineken Experience
.
2. Samenzijn aan in een bar.
Typische woordcombinaties
- [1] aan de bar
- [1] achter de bar
- [1] op de bar
- [2] in de bar
Hyponiemen
Naast onderstaande samenstellingen zijn er ook rechtstreeks aan het Engels ontleende woorden waarin "bar" een andere betekenis heeft.
Hyperoniemen
Afgeleide begrippen
| [B] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | bar | barbaren |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
[B] de bar m
- (natuurkunde), (techniek) eenheid van druk, circa 1 atmosfeer (symbool: bar)
- Eén bar is gelijk aan 100 kilopascal (100kPa.)
▸ Begin volgend jaar gaat de bouw van opslagruimte voor in totaal 37 megaton CO2 van start. Die capaciteit is berekend op basis van de druk die in het gasveld opgebouwd kan worden. Voor de gaswinning was de druk daar 350 bar. Door verdwijnen van het gas is dat nu nog minder dan 20 bar; het idee is CO2 toe te voegen tot de druk 300 bar is.[12]
- Eén bar is gelijk aan 100 kilopascal (100kPa.)
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
| [C] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | bar | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
[C] de bar m
- geen meervoud (Jiddisch-Hebreeuws) mannelijk kind (in onderstaande verbindingen)
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
| [D] | stellend | vergrotend | overtreffend |
|---|---|---|---|
| onverbogen | bar | barderbarrer | barst |
| verbogen | barre | barderebarrere | barste |
| partitief | bars | bardersbarrers | - |
Bijvoeglijk naamwoord
[D] bar
- verschrikkelijk, bijvoorbeeld bijzonder koud
- Het was bar weer voor de kampeerders: veel regen en harde wind.
▸ Wanneer een Amerikaan twee dagen in Nederland is en het regent, wanneer één winkelier hem afzet en wanneer één automobilist hem bijna overrijdt op een zebrapad, is hij geneigd te zeggen dat Nederland een bar klimaat heeft, dat alle winkeliers oneerlijk zijn en dat automobilisten rijden als gekken. Het eerste is misschien waar, maar de rest zeker niet.[13]
- Het was bar weer voor de kampeerders: veel regen en harde wind.
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Bijwoord
[D] bar
- erg, in hoge mate (vooral in combinatie met iets ongunstigs)
- Het is bar slecht.
▸ Ze versperden haar de doorgang. Ik vond het bar griezelig en heb maar gauw voortgemaakt om voor zessen thuis te zijn.[14]
- Het is bar slecht.
Uitdrukkingen en gezegden
- bar gezellig
buitengewoon aangenaam (van een informele ontmoeting; de eigenlijk negatieve gevoelswaarde wordt hier gebruikt voor een intensiverende
samenstelling_)_
Gangbaarheid
- Het woord bar staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bar" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 100 % | van de Vlamingen.[15] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- [A 2]: Bar (café) op Wikipedia
- [B]: Bar (druk) op Wikipedia
Verwijzingen
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ bar op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ bar op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ bar op website: Etymologiebank.nl
- ↑ "bar" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Tim Voors
“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers
- ↑ “All-inclusive”
(2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht
, ISBN 90-229-9182-2 - ↑
Weblink bron “Cafe speciaal” (1 augustus 1987) op nrc.nl 
- ↑
Weblink bron “CO2 afvangen en opslaan kan prima. Hoeveel is de vraag” (24 november 2023) op nrc.nl 
- ↑ “ op nrc.nl

- ↑
Weblink bron
Miep Diesel geciteerd door Gretha Pama
“Dagboek van een pubermeisje in oorlogstijd” (14 mei 2020) op nrc.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Engels
Uitspraak
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| bar | bars |
Zelfstandig naamwoord
bar
- staaf, stang, stok [1]
- tralie
- streep, strook
- ondiepte
- (horeca) bar [1]
- (natuurkunde) bar [2]
- (juridisch) advocatuur, balie [2]
- (politiek) ruimte voor niet-leden in het parlement
- (muziek) maatstreep
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to bar |
| he/she/it | bars |
| verleden tijd | bared |
| voltooid deelwoord | bared |
| onvoltooid deelwoord | baring |
| gebiedende wijs | bar |
Werkwoord
bar
- overgankelijk vergrendelen, afsluiten
- overgankelijk versperren
- overgankelijk verbieden
- (juridisch) een exceptie opwerpen
- (muziek) de maat aangeven met maatstrepen
- (informeel), overgankelijk haten, verafschuwen
Voorzetsel
bar
Nedersaksisch
Bijwoord
bar
Nynorsk
Woordafbreking
- bar
Werkwoord
bar
- verleden tijd van bere
Pools
| Periodiek systeem der elementen (pol) |
|---|
| H He Li Be B C N O F Ne Na Mg Al Si P S Cl Ar K Ca Sc Ti V Cr Mn Fe Co Ni Cu Zn Ga Ge As Se Br Kr Rb Sr Y Zr Nb Mo Tc Ru Rh Pd Ag Cd In Sn Sb Te I Xe Cs Ba * Hf Ta W Re Os Ir Pt Au Hg Tl Pb Bi Po At Rn Fr Ra ** Rf Db Sg Bh Hs Mt Ds Rg Cn Nh Fl Mc Lv Ts Og ↓ * La Ce Pr Nd Pm Sm Eu Gd Tb Dy Ho Er Tm Yb Lu ** Ac Th Pa U Np Pu Am Cm Bk Cf Es Fm Md No Lr |
Zelfstandig naamwoord
bar m
- (scheikunde), (element) Ba, barium.
Spaans
Uitspraak
- IPA: /ˈbaɾ
Woordafbreking
- bar
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| bar | bars |
Zelfstandig naamwoord
bar m
Tsjechisch
Uitspraak
- IPA: /bar/
Woordafbreking
- bar
Zelfstandig naamwoord
Verbuiging
| | enkelvoud | meervoud | | | ---------------------------------------------------------------------------- | ---------------------------------------------------------------------------------------------- | ------------------------------------------------------------------------------------------------- | | nominatief | bar | bary | | genitief | baru | barů | | datief | baru | barům | | accusatief | bar | bary | | vocatief | bare | bary | | locatief | baru | barech | | instrumentalis | barem | bary |
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Anagrammen
Paroniemen
Veluws
Bijwoord
bar
Zweeds
Woordafbreking
- bar
Werkwoord
bar
- verleden tijd actief van bära.