beschroomd - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen beschroomd beschroomder beschroomdst
verbogen beschroomde beschroomdere beschroomdste
partitief beschroomds beschroomders -

Bijvoeglijk naamwoord

beschroomd

  1. geremd door gevoelens van onzekerheid, schaamte of verlegenheid
    • Zij is er niet beschroomder op geworden, geloof ik.
Vertalingen

1.

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. "beschroomd" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be