breed - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen breed breder breedst
verbogen brede bredere breedste
partitief breeds breders -

Bijvoeglijk naamwoord

breed

  1. van grote afmeting in de zijdelingse richting
    • Zo'n Hummer is wel een erg brede auto.
      Gespannen zette ik mijn tent op: om mezelf af te leiden en dieren af te schrikken begon ik hard te fluiten en ik wierp af en toe een blik op de brede vallei onder me.[2]
      'Dit kan dus niet,' mompelde hij toen hij de bedragen las. Toen Jeroen de bedragen nogmaals bij elkaar optelde, kwam hij echter tot dezelfde eindconclusie. 'Dit kan dus wél. ' De glimlach op zijn gezicht werd breder.[3]
  2. het ~ hebben: welvarend zijn
    • Zij hadden het niet zo breed in die akelige tijd.
  3. bij een rechthoek de lengte van de korte zijde
    • het huis is 10 meter lang, 6 meter breed en 5 meter hoog.
  4. breed publiek: het algemene publiek
    Ae Athenaeum-Polak & Van Gennep Amsterdam 2021 Elementaire Deeltjes De boekenserie Elementaire Deeltjes maakt kennis toegankelijk voor een breed publiek.[4]
    Wiggers krijgt de koninklijke onderscheiding voor "zijn inzet voor het innovatieve en inclusieve karakter van de dansproducties, zijn bijdrage aan het voor een breed publiek toegankelijk maken van moderne dans en het betrekken van de regio bij het dansgezelschap", aldus een verklaring van het Koninklijk Huis.[5]
  5. betrekking hebbend op het grote geheel
    De socioloog Norbert Elias zag hierin een weerspiegeling van een breed maatschappelijk 'beschavingsoffensief' dat zich ook op andere gebieden uitte en zo de ontwikkeling van sport (sportisering) bevorderde.[4]
    Werelderfgoecentrum: Daarmee begint een nieuw hoofdstuk in de opvang van zeehonden. In het gloednieuwe Werelderfgoedcentrum Waddenzee wordt niet alleen gezorgd voor zieke zeehonden (er is ook een speciale lift om ze te vervoeren), maar krijgen de bezoekers ook "het bredere verhaal over de Waddenzee".[6]
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

als iemand veel geld heeft kan die veel bezitten

veel kunnen verdragen

hoe er ook naar iets gekeken wordt maakt niet uit, de uitkomst is altijd hetzelfde

hoe er ook naar iets gekeken wordt maakt niet uit, de uitkomst is altijd hetzelfde

niet veel inkomsten of bezit hebben

Vertalingen

Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[7]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "breed" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3

  2. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. All-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht op Wikipedia, ISBN 90-229-9182-2
  4. 1 2
    Onno van Nijf
    “Sportgeschiedenis” (2021), Athenaeum - Polak & Van Gennep op Wikipedia, ISBN 9789025312275
  5. Bronlink geraadpleegd op 26 juni 2022 Weblink bron “Introdans-oprichter Ton Wiggers krijgt koninklijke onderscheiding en erepenning” (26 juni 2022), NU.nl
  6. Bronlink geraadpleegd op 20 april 2025 Weblink bron “Pieterburen is echt (bijna) leeg na vrijlating Ollie en Brandy” (20 april 2025), NOS
  7. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Afrikaans

Uitspraak
stellend attributief vergrotend overtreffend
breed breë breër breedste

Bijvoeglijk naamwoord

breed

  1. breed
    «Botman het gesê hy neem kennis dat die bespreking nou nie meer primêr oor die US gaan nie, maar oor die breër saak van Afrikaans in die hoër onderwys in ’n grondwetlike konteks.»
    Botman zei dat hij er kennis van genomen had dat de discussie nu niet meer in de eerste plaats over de Universiteit van Stellenbosch ging, maar over de bredere zaak van het Afrikaans in het hoger onderwijs binnen een grondwettelijke context.

Engels

Uitspraak
vervoeging
onbepaalde wijs to breed
he/she/it breeds
verleden tijd bred
voltooid deelwoord bred
onvoltooid deelwoord breeding
gebiedende wijs breed

Werkwoord

breed

  1. overgankelijk fokken, kweken, telen
  2. onovergankelijk zich voortplanten (van dieren of planten), jongen
enkelvoud meervoud
breed breeds

Zelfstandig naamwoord

  1. ras, soort
  2. (pejoratief) halfbloed (m.n. in de VS)