bulderen - WikiWoordenboek (original) (raw)
- In de betekenis van ‘dreunend geluid geven’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1485 [1]
bulderen
- inergatief een dreunend geluid maken
- De kanonnen bulderden éénentwintig maal bij wijze van saluut.
- inergatief op ruwe en luide manier spreken
- "Daar komt niets van in!" bulderde hij.
| 97 % |
van de Nederlanders; |
| 96 % |
van de Vlamingen.[2] |
- ↑ "bulderen" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be