cassette - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

[1] audio cassette

[1] Video cassette

[2] cassette op achteras van fiets

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord cassette cassettencassettes
verkleinwoord cassettetje cassettetjes

Zelfstandig naamwoord

de cassette v / m

  1. (techniek) een behuizing voor video- en audiobanden
    • Een videoband zit vaak in een cassette.
  2. (techniek) het geheel aan tandwielen op het achterwiel van een fiets
    • Een cassette met ketting.
  3. een kistje voor het veilig bewaren van geld of bestek
    • Dit 12-delige bestek zit in een cassette met 3 laden.
  4. (bouwkunde) een geprofileerde tegel
    • Met hun afmeting van 54 x 54 centimeter zien de cassettes eruit als tapijttegels.
Synoniemen
Hyponiemen

geldcassette

Afgeleide begrippen
Vertalingen

1. een behuizing voor video- en audiobanden

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "cassette" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. cassette op website: Etymologiebank.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be