citroensmaak - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord citroensmaak citroensmaken
verkleinwoord citroensmaakje citroensmaakjes

Zelfstandig naamwoord

de citroensmaak m

  1. de de zurige, zoete smaak van citroen
    Er zat een klein, doorzichtig doosje in gevuld met citroengeel poeder. Het kind leek teleurgesteld, en ook de moeder wist niet wat het was. 'Druivesuiker,'zei Ernst. `Druivesuiker met citroensmaak.'[1]
    Enkele tafels verderop moet er geproefd worden. Er staan piepkleine glazen. Ze zijn gevuld. Maar waarmee? De glazen staan op placemats met afbeeldingen van citroenen. Ook op de viltjes zijn citroenen afgebeeld. Naast de glazen staat een fles Karvan Cevitam met citroensmaak.[2]

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen