combo - WikiWoordenboek (original) (raw)
- Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘klein ensemble van muzikanten’ voor het eerst aangetroffen in 1957 [1]
- afkorting van combineren met het voorvoegsel com- [2]
combo m / o
- (muziek) klein muziekensemble, vaak als begeleiding
| 94 % |
van de Nederlanders; |
| 92 % |
van de Vlamingen.[3] |
- ↑ "combo" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ combo op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
combo
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van combar
combo
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van combarse