continu - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen continu continuer
verbogen continue continuere
partitief continu's continuers -

Bijvoeglijk naamwoord

continu

  1. voortdurend, zonder onderbreking
    • De baby bleef continu huilen.
      Tijdens het koken zat iedereen elkaar continu te stangen alsof we elkaar al jaren kenden.[3]

Bijwoord

  1. voortdurend, zonder onderbreking
    (Sam bleek een echte bonus te zijn, want de kerk zat normaal gesproken vol met oude besjes die continu zeiden dat vroeger alles beter was.[4]
    Sarah, in een half doorschijnende lila blouse en een bruine zijden rok, hield haar ruggengraat continu licht gebogen, met een arm gedrapeerd achter Isaacs keukenstoel.[4]
    Olive hield Isaac continu in de gaten, de aantrekkingskracht die hij op haar uitoefende, zong van de balken boven haar hoofd tot in de champagne in haar glas.[4]
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "continu" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. continu op website: Etymologiebank.nl

  3. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  4. 1 2 3
    Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Frans

Uitspraak

| | enkelvoud | meervoud | | | ---------------------------------------------------------------------------------------------- | ---------------------------------------------------------------------------------------- | ----------------------------------------------------------- | | mannelijk | continu | continus | | vrouwelijk | continue | continues |

Bijvoeglijk naamwoord

continu

  1. continu; onafgebroken
Afgeleide begrippen
Overerving en ontlening