corridor - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord corridor corridors
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

de corridor m

  1. gang (in een gebouw)
  2. strook land tussen twee territoria
Hyponiemen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. corridor op website: Etymologiebank.nl
  3. "corridor" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
corridor corridors

Zelfstandig naamwoord

corridor

  1. gang, hal, doorgang, galerij
  2. (verkeer) rijstrook
Afgeleide begrippen

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
corridor le corridor corridors les corridors

Zelfstandig naamwoord

corridor m

  1. (bouwkunde) corridor [1]; gang; hal
  2. (aardrijkskunde) corridor [2]

Verwijzingen