dartelen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
dartelen dartelde gedarteld
zwak -d volledig

Werkwoord

dartelen

  1. inergatief speels en vrolijk heen en weer rennen
    • De kalveren dartelden door de weide.
  2. ergatief speels en vrolijk ergens heen rennen
    • Zo was hij onbezorgd door zijn jeugd gedarteld.
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be