directie - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord directie directies
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

de directie v

  1. (bedrijfskunde) de leiding van een bedrijf, de directeur en de topmanagers
    • Volgens de directie en de bewindvoerder is de uitgangspositie van de financiële en commerciële situatie „bemoedigend”.[1]
  2. bestuur
    • FC Twente heeft op dit moment een schuldenlast van zo’n 80 miljoen euro, waarvan 50 miljoen langlopend. De directie denkt dat de inkomsten met 20 miljoen euro dalen in de eerste divisie.[2]
      Ze waren tegen een muur van bureaucratie opgelopen waarvan deze arts slechts een voorpost was. Verdere pogingen bij de directie van het ziekenhuis zouden eveneens zinloos zijn, wisten ze.[3]
Synoniemen
Hyponiemen
afdelingsdirectie bankdirectie beleidsdirectie concertdirectie dijkdirectie gevangenisdirectie hoofddirectie hoteldirectie luchthavendirectie mijndirectie museumdirectie operadirectie opperdirectie orkestdirectie schooldirectie schouwburgdirectie spoorwegdirectie stadiondirectie theaterdirectie toneeldirectie tourdirectie ziekenhuisdirectie
Afgeleide begrippen
directiebestand directiebureau directiecode directiecomité directief directiefonds directiefunctie directiekamer directiekantoor directiekeet directiekosten directielid directieniveau directierapport directiesecretaresse directiesecretariaat directiesecretaris directiestatuten directiestatuut directiestoel directietafel directieteam directietent directietijd directievergadering directievlak directievoering directiewagen directiewege directiezetel directiezijde directiezorg
Vertalingen

1. de leiding van een bedrijf, de directeur en of de topmanagers

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen