een weg waarlangs men vroeger een kudde vee van het dorp naar het open veld dreef ▸ Eene dreef, welke zij beiden beweerden naar goeddunken te mogen berijden[2]
Hij, zij, het dreef. ▸ Ook ik dreef langzaam weg.[3] ▸ Aanvankelijk dacht ze dat de miniatuurmaakster de spot met haar dreef - een wieg voor een echtgenote wier huwelijk een schijnvertoning was - maar nu is de visie van de vrouw onderdeel van het echte leven geworden.[4]