ejaculeren - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
ejaculeren ejaculeerde geëjaculeerd
zwak -d volledig

Werkwoord

ejaculeren

  1. inergatief, (seksualiteit) sperma uitwerpen
    • In de beroemde eindscene wordt geëjaculeerd op het aangezicht van de hoofdrolspeelster.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

sperma uitwerpen

Arabisch: قذف المني (ar) Bulgaars: еякулирам (bg) Catalaans: ejacular (ca), escórrer-se (ca) Duits: ejakulieren (de) Engels: ejaculate (en) Esperanto: ejakuli (eo), spermelĵeti (eo) Fins: saada (fi), siemensyöksy (fi), ejakuloida (fi) Frans: éjaculer (fr) Iers: sead (ga) Perzisch: آب منی آمدن (fa), انزال (fa) Portugees: ejacular (pt) Spaans: eyacular (es) Turks: boşalmak (tr)

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Wiktionnaire
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be