elektronisch - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

elektronische warmtemeter

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen elektronisch elektronischer
verbogen elektronische elektronischere
partitief elektronisch elektronischers -

Bijvoeglijk naamwoord

elektronisch

  1. (techniek) functionerend middels geregelde elektrische stromen
    • De elektronische industrie heeft in de twintigste eeuw een gigantische ontwikkeling ondergaan.
Vertalingen

1.

Engels: electronic (en) Spaans: electrónico (es)

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "elektronisch" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. elektronisch op website: Etymologiebank.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be