epistel - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord epistel epistels
verkleinwoord episteltje episteltjes

Zelfstandig naamwoord

epistel o en m

  1. een (formele) brief, een zendbrief
  2. een deel van de mis dat voorafgaat aan het evangelie
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

2. een deel van de mis dat voorafgaat aan het evangelie

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "epistel" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be