etterbuil - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord etterbuil etterbuilen
verkleinwoord etterbuiltje etterbuiltjes

Zelfstandig naamwoord

de etterbuil v / m

  1. (medisch) zwelling die etter bevat
  2. (scheldwoord) zeer onaangenaam persoon
Verwante begrippen
Vertalingen

1. zwelling die etter bevat

Engels: abscess (en) Spaans: absceso (es) m

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be