gezichtsvermogen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord gezichtsvermogen gezichtsvermogens
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

het gezichtsvermogen o

  1. de kwaliteit van het zien door een dier
    • Het meten van de visus is het bepalen van het gezichtsvermogen van een patiënt.
Verwante begrippen
Vertalingen

1.

Engels: sight (en), view (en) Spaans: vista (es) m

Gangbaarheid

Meer informatie