gieren - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
gieren gierde gegierd
zwak -d volledig

Werkwoord

gieren

  1. een fluitend geluid maken, door een harde wind of krachtige ademhaling
    • Buiten giert de wind door de takken.
      Frédéric Talbi haalt het wel, al gieren de longen lang na.[2]
      Toen ik voor de laatste keer mijn tent in de gierende wind en sneeuw opzette, trok ik al mijn natte kleren uit en kroop naakt mijn slaapzak in om weer op temperatuur te komen.[3]
  2. hard lachen
    • Hij giert van het lachen.
  3. heel snel rond gaan
    • Ik voelde de adrenaline door mijn lichaam gieren.
    • Zenuwen gieren door mijn keel.
      De adrenaline gierde door mijn lijf omdat, na meer dan een jaar voorbereiding, mijn trektocht van Mexico naar Canada eindelijk begon.[3]
  4. (luchtvaart) een draaiende beweging rond de verticale as maken.
  5. (scheepvaart) een draaiende beweging rond de verticale as maken.
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

4. een draaiende beweging rond de verticale as maken

Zelfstandig naamwoord

de gieren mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord gier

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. 1 2 "gieren" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink Weblink bron
    Rob Gollin
    “De helling van de mooie meisjes knijpt de renner de keel dicht” (10 juli 2019), de Volkskrant
  3. 1 2
    Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be