haarkloven - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
naamwoord van handeling
zelfstandig bijvoeglijk
haarkloven
haarkloverij
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
haarkloven haarkloofde gehaarkloofd
zwak -d volledig

Werkwoord

haarkloven

  1. inergatief over vrijwel onbestaande verschillen een discussie aangaan
    • En zo hebben ze nog uren lang gehaarkloofd.
    • er werd gezegd dat vooral de Grieken heel goed zijn in haarkloven
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

1.

Frans: chicaner (fr)

Gangbaarheid