inhoud - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord inhoud inhouden
verkleinwoord inhoudje inhoudjes

Zelfstandig naamwoord

de inhoud m

  1. datgene wat bevat is in een ander lichaam
    • Deze zak heeft wijn als inhoud.
      Terwijl ze met het ingepakte schilderij naast zich achter op de ezelkar zat die hen naar Malaga zou brengen, een tocht van dertig kilometer, verbaasde ze zich erover dat de inhoud van het pakket zo dik leek onder het papier en touw.[2]
      ' Met grote angstogen draaide Teresa haar hoofd naar hem toe, zodat Gregorio gedwongen was haar aan te kijken, terwijl de inhoud van de fles in haar keel werd gegoten.[2]
  2. (wiskunde) afmeting van de hoeveelheid ruimte die een driedimensionaal object of ruimtedeel omvat; het in kubieke eenheden uitgedrukte product van lengte, breedte en hoogte
    • De inhoud van die kubus bereken je door de lengte, de breedte en de hoogte met elkaar te vermenigvuldigen.
  3. het geheel van handelingen en gedachten vervat in een boek of ander medium
    • De inhoud van dit WikiWoordenboek groeit met de dag.
      De voorzieningenrechter stelde in juli dat de inhoud van het rapport op twee punten onzorgvuldig was, maar dat de gebreken niet zo groot waren dat het hele rapport onrechtmatig was.[3]
  4. betekenis van iets
    In onze tijd bestaat er een toenemende belangstelling, zowel voor de folklore als voor de achtergrond en de inhoud van de feesten. Temeer als die beleefd kunnen worden door het hele gezin en de hele groep, jong of oud.[4]
Synoniemen
Hyponiemen
arbeidsinhoud begripsinhoud bewustzijnsinhoud bureau-inhoud celinhoud cilinderinhoud darminhoud droominhoud energie-inhoud functie-inhoud gedachte-inhoud geloofsinhoud herseninhoud hoofdinhoud jobinhoud kassa-inhoud leerinhoud lesinhoud longinhoud maaginhoud media-inhoud motorinhoud netto-inhoud onderwijsinhoud programma-inhoud registerinhoud schedelinhoud tankinhoud vakinhoud waterinhoud zielsinhoud zorginhoud
Afgeleide begrippen
inhoudleverancier inhoudloos inhoudopgave inhoudsanalyse inhoudsbepaling inhoudsloos inhoudsmaat inhoudsopgaaf inhoudsopgave inhoudstabel inhoudstafel inhoudstof inhoudsvol inhoudswoord inhoudtafel
Verwante begrippen
eenheden van inhoud in het Nederlands (nld)
kubieke yoctometerkubieke zeptometerkubieke attometerkubieke femtometerkubieke picometerkubieke nanometerkubieke micrometerkubieke millimeterkubieke centimeterkubieke decimeterkubieke meterkubieke decameterkubieke hectometerkubieke kilometerkubieke megameterkubieke gigameterkubieke terameterkubieke petameterkubieke exameterkubieke zettameterkubieke yottameter
yoctoliterzeptoliterattoliterfemtoliterpicoliternanolitermicrolitermillilitercentiliterdeciliterliterdecaliterhectoliterkilolitermegalitergigaliterteraliterpetaliterexaliterzettaliteryottaliter
verouderd: mudroedevat
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
inhouden

inhoud

  1. (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van inhouden
    • ... dat ik inhoud.

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. inhoud op website: Etymologiebank.nl
  2. 1 2
    Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  3. Bronlink Weblink bron
    Tjerk Gaulthérie van Weezel en Rik Kuiper
    “Gerechtshof brandt vingers niet aan inspectierapport over Haga Lyceum” (24 december 2019), de Volkskrant
  4. “Het hele jaar rond: van Sinterklaas tot Sintemaarten” (1973), p. 7
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be