jongen - WikiWoordenboek (original) (raw)

B. Een schilderij van een jongen.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

de [A] jongen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord jonge
  2. meervoud van het zelfstandig naamwoord jong
    • De kat heeft jongen geworpen.
Spreekwoorden
enkelvoud meervoud
naamwoord jongen jongens
verkleinwoord jongetje jongetjes

Zelfstandig naamwoord

[B] de jongen m

  1. onvolwassen man
    • Een jongen op een bromfiets reed door de straat.
      Op 10 juli 2019 bereikt la belle fille op haar racefiets zwoegend de top. Ze zou net als haar voorgangers uit de 17de eeuw ook wel een frisse duik willen nemen, maar voorlopig volstaan gulzige slokken uit haar bidon. Een bijrolletje in de historie van La Planche is genoeg. Morgen mogen de mooie jongens.[6]
      Hij ging op het geluid af en zag, op een bergweitje tussen de rotsen, een kleine donkere jongen zijn geiten hoeden.[7]
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

Dappere jongens zijn

Stoett-2603 [8]

Stoett-201 [9]

Stoett-220 [10]

Stoett-2209 [11]

Vertalingen
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
jongen jongde gejongd
zwak -d volledig

Werkwoord

[D] jongen

  1. inergatief (van dieren) nageslacht ter wereld brengen
    • Onze teef heeft zojuist gejongd.
Hyponiemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[12]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. jongen op website: Etymologiebank.nl
  3. "jongen" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  4. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  5. jongen op website: Etymologiebank.nl
  6. Bronlink Weblink bron
    Rob Gollin
    “De helling van de mooie meisjes knijpt de renner de keel dicht” (10 juli 2019), de Volkskrant
  7. “Het hele jaar rond: van Sinterklaas tot Sintemaarten” (1973), Lemniscaat op Wikipedia, p. 11
  8. www.dbnl.org
  9. www.dbnl.org
  10. www.dbnl.org
  11. www.dbnl.org
  12. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Nedersaksisch

enkelvoud meervoud
naamwoord jongen jongens
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

jongen

  1. jongen

Veluws

enkelvoud meervoud
naamwoord jongen jongens
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

jongen

  1. jongen