ketel - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ketel ketels
verkleinwoord keteltje keteltjes

Zelfstandig naamwoord

de ketel m

  1. (techniek) meestal rond metalen vat, vaak geschikt om onder druk gezet te worden
    • Zonder ketels zouden de stoommachine en de Industriële Revolutie niet mogelijk geweest zijn.
  2. (huishouden) (kookkunst) object om water aan de kook te brengen b.v. een fluitketel, waterketel
  3. (aardrijkskunde) keteldal
  4. kop van een aardewerken tabakspijp
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

Het is niet meer zo urgent als eerder

De een verwijt de ander iets wat voor beiden net zo goed opgaat

Blijven aandringen op iets, zorgen dat anderen hun best voor iets blijven doen of hen sterk daartoe manen

Vertalingen

1. meestal rond metalen vat, vaak geschikt om onder druk gezet te worden

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. ketel op website: Etymologiebank.nl
  3. "ketel" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be