kloven - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
kloven kloofde gekloofd
zwak -d volledig

Werkwoord

kloven

  1. overgankelijk het op bepaalde wijzen splijten van een materiaal b.v. diamant en hout
    • Deze steen moet nog gekloofd worden.
    • Dit was zijn leven, hij zette hout neer en kloofde het. Zijn hemd plakte aan zijn lijf. Steken in zijn onderrug. Elke klap was raak. Hij deed dit al zo lang, alles met afgemeten, bedwongen haast. Hij moest zweten, het moest pijn doen. [2]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

1. het op bepaalde wijzen splijten van een diamant

Werkwoord

vervoeging van
kluiven

kloven

  1. meervoud verleden tijd van kluiven
    • Wij kloven.
    • Jullie kloven.
    • Zij kloven.

Werkwoord

kloven

  1. (verouderd) verleden tijd meervoud van klieven
Synoniemen
Synoniemen

Zelfstandig naamwoord

de kloven mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord kloof

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "kloven" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3

  2. Wieringa, Tommy
    De heilige Rita 2017 ISBN 9789023458753 pagina 7
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be