leren - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen (alleenattributief)
verbogen leren

Bijvoeglijk naamwoord

leren

  1. van leer vervaardigd
    ' Hij lachte weer even, maar deed er toen het zwijgen toe en trok zijn modieuze leren jasje wat strakker om zich heen, alsof dat hem troostte.[2]
    Hij maakte een verstrooide indruk, zoals hij midden in zijn studeerkamer achter zijn bureau zat, aan zijn lot overgelaten op de Marokkaanse kleden die hij van een tapijthandelaar in Malaga had gekocht, met zijn ellebogen stevig op het sleetse leren bovenblad geplant, zonder notitie te nemen van Teresa die de kamer stofte of een glas sherry voor hem neerzette.[2]
    Hij droeg een groene bandana in zijn lange haar en had als een van de weinigen hoge leren bergschoenen om zijn zwakke enkels te beschermen.[3]
Hyponiemen
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
leren leerde geleerd
zwak -d volledig

Werkwoord

leren

  1. kennis of vaardigheid verwerven
    En zo had Giorgos tijd alleen met mijn kinderen, zodat ze elkaar een beetje zouden leren kennen.[4]
    Kies je eigen weg, maak je eigen keuzes, leer je eigen lessen.[3]
  2. kennis of vaardigheid doen verwerven
    We praatten de hele dag en hij leerde me hoe ik veilig een gevaarlijke sneeuwbrug over kon steken door mijn wandelstokken horizontaal te houden voor het geval de sneeuw onder me wegviel en ik in de overdekte ijsrivier terecht zou komen.[3]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

na verloop van tijd is er bekend hoe het gegaan is

wraak op iemand nemen en/of flink zeggen hoe het er voor staat

als je in moeilijkheden zit merk je wie echt je vriend is

hoe eerder men iets leert, des te langer de vaardigheid zal blijven

door mislukkingen leren

in nood leert men anderen om hulp vragen

leren schikken naar de wensen en bevelen van een ander

Het is niet nodig om iets te oefenen of een vaardigheid aan te leren door gebruik te maken van het allernieuwste materiaal

Vertalingen

1. kennis of vaardigheid verwerven

2. kennis of vaardigheid doen verwerven

Zelfstandig naamwoord

de leren mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord leer

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "leren" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. 1 2
    Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  3. 1 2 3
    Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia

  4. Ronald Giphart e.a.
    “Een familie en een Griekse god” (2023), The House of Books, ISBN 9789044366471
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be