lokken - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- lok·ken
Woordherkomst en -opbouw
- van Middelnederlands locken, in de betekenis van ‘aantrekken’ voor het eerst aangetroffen in 1100 [1] [2] [3] [4]
- [2] Als productief, eerste element in samenstellingen, gevormd naar de voorbeelden lokaas, lokvogel.
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs | verleden tijd | voltooid deelwoord |
| lokken | lokte | gelokt |
| zwak -t | volledig |
Werkwoord
lokken
- overgankelijk mens of dier verleiden ergens heen te komen
- De eenden werden door een lokeend in de kooi gelokt.
▸ Nella is ervan overtuigd dat de miniatuurmaakster hier is geweest, en ze kan zich niet voorstellen dat de vrouw haar naar zich toe zou lokken en haar vervolgens in de steek zou laten.[6]
- De eenden werden door een lokeend in de kooi gelokt.
- als eerste deel van samenstellingen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. mens of dier verleiden ergens heen te komen
2. als eerste deel van samenstellingen
Zelfstandig naamwoord
de lokken mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord lok
▸ ' 'Denk je dat dat bladgoud is?' Hij boog zich voorover en wees op de leeuwenmanen, de golvende lokken die leken te glinsteren.[7]
▸ 'Welke verhalen?' Teresa nam kleine lokken van Olives grote bos haar en wikkelde ze om haar vingers, waarna ze ze stevig vastzette met de krulspelden die ze uit Sarahs slaapkamer hadden gepakt.[7]
▸ 'Welke verhalen?' Teresa nam kleine lokken van Olives grote bos haar en wikkelde ze om haar vingers, waarna ze ze stevig vastzette met de krulspelden die ze uit Sarahs slaapkamer hadden gepakt.[7]
Gangbaarheid
- Het woord lokken staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "lokken" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 100 % | van de Vlamingen.[8] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ "lokken" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ lokken op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
“Het huis aan de Herengracht” (2022), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024586332 - 1 2 3
Jessie Burton vert. Marja Borg
“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be