los - WikiWoordenboek (original) (raw)
los of lynx.
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
- bn: van Middelnederlands los bn , in de betekenis van ‘niet gebonden’ aangetroffen vanaf 1277 [1] [2][3]
- zn: van Middelnederlands los zn , mogelijk van Oudsaksisch lohs, in de betekenis van ‘katachtige’ aangetroffen vanaf 1451 [4] [5] [3]
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | los | losser | lost |
| verbogen | losse | lossere | loste |
| partitief | los | lossers | - |
Bijvoeglijk naamwoord
los
- zonder vaste verbinding, niet bevestigd, ongebonden
- De hond is los.
- Het verhaal is losjes gebaseerd op een slecht gedocumenteerd historisch mengsel van feit en achterklap: de driehoeksverhouding tussen de Britse koningin Anne, haar jeugdvriendin, belangrijkste adviseur en misschien wel geliefde Sarah Churchill (Rachel Weisz) en het ambitieuze kamermeisje Abigail Masham. [6]
- afzonderlijk, apart
- niet strak
- niet stijf, vlot, ongedwongen, ongegeneerd
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
- Als los zand aan elkaar hangen
zaken die niets met elkaar te maken hebben die samengebracht worden
- De beer is los
- Een steekje aan los zijn
iets klopt er niet aan
- Er zit bij hem een steekje los
die is niet helemaal goed bij zijn hoofd
- Op losse schroeven staan
helemaal niets zeker zijn
Bijwoord
los
- bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
- loskrijgen: Hij kreeg de knoop niet los.
Afgeleide begrippen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | los | lossen |
| verkleinwoord | losje | losjes |
Zelfstandig naamwoord
de los m
- (roofdieren) bepaald soort zoogdier, Lynx lynx
, een katachtige met een korte staart
Synoniemen
Verwante begrippen
- Achterindische panter
- Afrikaanse goudkat
- Afrikaanse luipaard
- Afrikaanse wilde kat
- amoerpanter
- amoertijgerkat
- Anatolische luipaard
- Arabische luipaard
- Aziatisch jachtluipaard
- Aziatische goudkat
- Aziatische goudkatten
- Balinese tijger
- balkanlynx
- Bengaalse tijger
- Bengaalse tijgerkat
- berberleeuw
- bergkat
- borneogoudkat
- Borneose nevelpanter
- Canadese lynx
- caracal
- colocolokat
- Chinese bergkat
- Chinese tijger
- Euraziatische lynx
- Europese leeuw
- Europese wilde kat
- floridapanter
- geoffroykat
- holenleeuw
- Indische panter
- iriomotekat
- jachtluipaard
- jaguar
- jaguarundi
- Javaanse panter
- Javaanse tijger
- Kaapse leeuw
- Kaspische tijger
- kat
- leeuw
- luipaard
- lynxen
- Maleise tijger
- manoel
- margay
- marmerkat
- Mesopotamische leeuw
- moeraskat
- nachtkat
- nevelpanter
- Noord-Chinese panter
- Noord-Indochinese tijger
- noordelijke lynx
- ocelot
- pampakat
- pantanalkat
- pardelkatten
- pardellynx
- Perzische leeuw
- Perzische panter
- platkopkat
- poema
- rode lynx
- roestkat
- sabeltandkatten
- sabeltandtijger
- serval
- Siberische tijger
- sneeuwpanter
- Sri Lankaanse panter
- Sumatraanse tijger
- tijger
- tijgerkat
- vissende kat
- wilde kat
- woestijnkat
- zanzibarluipaard
- zwartvoetkat
Vertalingen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| lossen |
los
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lossen
- Ik los.
- gebiedende wijs van lossen
- Los!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lossen
- Los je?
Gangbaarheid
- Het woord los staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "los" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 100 % | van de Vlamingen.[7] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ los (niet gebonden) op website: Etymologiebank.nl
- 1 2 "los" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ los (roofdier) op website: Etymologiebank.nl
- ↑ de Volkskrant Floortje Smit2 januari 2019 The Favourite is verschrikkelijk grappig en oneindig tragisch (vijf sterren)
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Afrikaans
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
Werkwoord
los [A]
Bijvoeglijk naamwoord
los [B]
Antoniemen
Angelsaksisch
Uitspraak
- IPA: /los/
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Proto-Germaanse *lusą
Zelfstandig naamwoord
los
Afgeleide begrippen
Overerving en ontlening
Duits
Uitspraak
Woordafbreking
- los
Bijvoeglijk naamwoord
los
Afgeleide begrippen
Middelengels
Uitspraak
- IPA: /lɔs/, /lɔːs/
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Angelsaksische los
Zelfstandig naamwoord
los
Schrijfwijzen
Overerving en ontlening
Middelnederduits
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
Zelfstandig naamwoord
los
- (roofdieren) los, lynx; een kattensoort met een korte staart
Overerving en ontlening
Middelnederlands
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Oudnederlandse *los
Bijvoeglijk naamwoord
los
Nedersaksisch
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Oudsaksische lōs
Bijvoeglijk naamwoord
los
Schrijfwijzen
Oudhoogduits
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Proto-Germaanse *lausaz
Bijvoeglijk naamwoord
los
Oudsaksisch
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Proto-Germaanse *luhsaz
Zelfstandig naamwoord
los
- (roofdieren) los, lynx; een kattensoort met een korte staart
Schrijfwijzen
Overerving en ontlening
Pools
Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Duitse Los
Zelfstandig naamwoord
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Slowaaks
Woordafbreking
- los
Zelfstandig naamwoord
los m
- (evenhoevigen) eland; een groot hert uit de poolstreken met een opvallend groot en breed vertakt gewei
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Spaans
Lidwoord
Tsjechisch
Uitspraak
- IPA: /lɔs/
Woordafbreking
- los
Woordherkomst en -opbouw
Zelfstandig naamwoord
- (evenhoevigen) eland; een groot hert uit de poolstreken met een opvallend groot en breed vertakt gewei
Verbuiging
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| nominatief | los | losi / losové | |
| genitief | losa | losů | |
| datief | korte vorm | losu | losům |
| lange vorm | losovi | ||
| accusatief | losa | losy | |
| vocatief | lose | losi / losové | |
| locatief | korte vorm | losu | losech |
| lange vorm | losovi | ||
| instrumentalis | losem | losy |
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- Internetová jazyková příručka - Ústav pro jazyk český AV ČR (Tsjechisch)
- Slovník spisovného jazyka českého - Ústav pro jazyk český AV ČR (Tsjechisch)
- Příruční slovník jazyka českého - Ústav pro jazyk český AV ČR (Tsjechisch)
Zelfstandig naamwoord
- lot; een biljet voor een loterij
- lot, loting; toevalskans
- lot, noodlot, wat het toeval iemand toebedenkt
Verbuiging
| | enkelvoud | meervoud | | | ---------------------------------------------------------------------------- | ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ | ------------------------------------------------------------------------------------------------- | | nominatief | los | losy | | genitief | losu | losů | | datief | losu | losům | | accusatief | los | losy | | vocatief | lose | losy | | locatief | losu / lose | losech | | instrumentalis | losem | losy |
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- Internetová jazyková příručka - Ústav pro jazyk český AV ČR (Tsjechisch)
- Slovník spisovného jazyka českého - Ústav pro jazyk český AV ČR (Tsjechisch)
Veluws
Woordafbreking
- los
Bijvoeglijk naamwoord
los