mop - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord mop moppen
verkleinwoord mopje[6] moppie mopjes[6] moppies

Zelfstandig naamwoord

de mop v / m

  1. anekdote met een verrassend en komisch slot
    • Wat een flauwe mop is dat, zeg.
      ’Wie weet er een mop?’ riep een aarzelende stem. Een voor een begonnen we grappen en verhalen met elkaar te delen om de moed erin te houden.[7]
  2. vlek
  3. (bouwkunde) type grote metselsteen
  4. (huishouden), (scheepvaart) een (dek)zwabber of huishoudelijk hulpstuk om vloeren (afhankelijk van de soort mop droog of juist nat) te reinigen
  5. (kleding) type muts
  6. fris en fruitig jong meisje of algemener een koosnaam
  7. (voeding) koekje
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

1. anekdote met een verrassend en komisch slot

Werkwoord

vervoeging van
moppen

mop

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van moppen
    • Ik mop.
  2. gebiedende wijs van moppen
    • Mop!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van moppen
    • Mop je?

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[8]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "mop" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. mop op website: Etymologiebank.nl
  3. mop op website: Etymologiebank.nl
  4. mop op website: Etymologiebank.nl
  5. mop op website: Etymologiebank.nl
  6. mop op website: Etymologiebank.nl

  7. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  8. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
mop mops

Zelfstandig naamwoord

mop

  1. zwabber
vervoeging
onbepaalde wijs to mop
he/she/it mops
verleden tijd mopped
voltooid deelwoord mopped
onvoltooid deelwoord mopping
gebiedende wijs mop

Werkwoord

mop

  1. zwabberen
    «Are you finished mopping the floor yet.»
    Ben je al klaar met de vloer te zwabberen?