motief - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord motief motieven
verkleinwoord motiefje motiefjes

Zelfstandig naamwoord

het motief o

  1. de reden om iets te doen
    • De jongen had geen motief voor de moord.
      Toen ik mijn tienjarige zoon vroeg wat hij ervan vond dat ik zo lang weg zou zijn, antwoordde hij: ‘Geen idee, dat weet ik toch pas als je weg bent?’ Grappig vond ik zijn opmerking over het motief van mijn reis: ‘Wat is het nut van je wandeling? Je bereikt en verdient er niks mee.’ Mijn vijftienjarige dochter reageerde net als mijn vrouw pragmatisch en recht door zee.[2]
  2. een zich herhalend patroon (ook (muziek))
    • De blouse had een beetje een vreemd motief.
  3. onderwerp dat in een verhaal etc. wordt uitgediept, leidmotief
Synoniemen
Hyponiemen
acanthusmotief achtergrondmotief beeldmotief bladmotief bloemetjesmotief bloemmotief exodus-motief gevoelsmotief haakmotief handelingsmotief honigraatmotief honingraatmotief hoofdmotief indianenmotief kabelmotief kernmotief leidmotief lotusmotief machtsmotief natuurmotief noodlotsmotief puntmotief romanmotief ruitmotief schelpmotief spelmotief spinnenwebmotief sprookjesmotief tegelmotief tegenmotief verplaatsingsmotief versieringsmotief visblaasmotief visgraatmotief vlechtmotief vlindermotief volksmotief wafelmotief wilsmotief winstmotief zedelijkheidsmotief zwerfmotief
Afgeleide begrippen
Vertalingen

1. de reden om iets te doen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "motief" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3

  2. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be