motte - WikiWoordenboek (original) (raw)
de motte v / m
- kunstmatig aangelegde aarden heuvel (waarop een kasteel werd gebouwd)
- mote (verouderde uitspraakvariant)
motte
- enkelvoud verleden tijd van motten
- Ik motte.
- Jij motte.
- Hij, zij, het motte.
- aanvoegende wijs van motten
| 26 % |
van de Nederlanders; |
| 32 % |
van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
motte v
- kluit
- (spreektaal) venusheuvel [1]
- ↑ Wouw, Berry van de, Woordenboek populair Frans - Nederlands. Woordenboek van het Frans dat u op school nooit leerde, 2e druk, Breda: Uitgeverij Arti-Choc, 2014; p. 135