nakomeling - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord nakomeling nakomelingen
verkleinwoord nakomelingetje nakomelingetjes

Zelfstandig naamwoord

de nakomeling m

  1. bloedverwant in neerdalende lijn
    • nakomelingen kunnen afwijkingen in het genetisch materiaal van hun ouders erven.
      Als de stoffelijke resten van de dictator worden overgebracht zoals gepland, komt er een einde aan bijna een jaar van verzet van de nakomelingen van de “Généralissime”, die de bloedige burgeroorlog van 1936-1939 won, en ook aan het benedictijnenklooster dat het mausoleum onderhoudt.[1]
Synoniemen
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen