nek - WikiWoordenboek (original) (raw)
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- nek
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | nek | nekken |
| verkleinwoord | nekje | nekjes |
Zelfstandig naamwoord
de nek m
- (anatomie) achterste gedeelte van de hals
▸ Haar nek deed pijn en haar hoofd bonkte.[3]
▸ Ik droeg een pet met een lange achterflap om mijn nek te beschermen tegen de zon.[4]
▸ Maar Teresa zweeg, met haar blik nog steeds op de uitgebrande kerk gericht, en het was alsof Olive de harde, donkere haarpunten in haar eigen nek voelde vallen.[3]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
- De nek [durven] uitsteken
Een bepaald risico durven nemen (ten behoeve van iets anders)
- Iemand de nek toekeren
- Iemand met de nek aankijken (aanzien)
Iemand negeren en minachtend behandelen
- Iemand op de nek zitten
Iemand continu controleren om te zien of diegene het opgedragen werk goed doet, al af heeft, etc.
- Ik heb geen ogen in mijn nek!
Ik kan niet zien wat er achter me gebeurt!
- Nek aan nek
Op gelijke positie voortgaan bij een race
- Over zijn nek gaan
- Tot aan/over zijn nek in de problemen/schulden, ... zitten
Heel veel problemen, schulden e.d. hebben
- Uit zijn nek kletsen/lullen/zwammen
- Ik breek mijn nek [over de rommel]!
Er ligt hier heel veel rommel
- iets of iemand de nek omdraaien
iets of iemand kapot maken
∗ Wat leek het lang geleden dat ze hier waren aangekomen onder het winterse januarizonnetje, toen Isaac die kip de nek had omgedraaid.[3]
Vertalingen
1. achterste gedeelte van de hals
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| nekken |
nek
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nekken
- Ik nek.
- gebiedende wijs van nekken
- Nek!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nekken
- Nek je?
Gangbaarheid
- Het woord nek staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "nek" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 99 % | van de Vlamingen.[5] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- ↑ "nek" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ nek op website: Etymologiebank.nl
- 1 2 3
Jessie Burton vert. Marja Borg
“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑
Tim Voors
“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be