omgeven - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak

(klemtoonhomogram)

Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
omgeven omgaf omgeven
klasse 5 volledig

Werkwoord

omgéven

  1. overgankelijk zich eromheen bevinden, zich bevinden rondom
    • Het huis is geheel omgeven door prachtige bossen.
      Er is geen schaduw te vinden in het stoffige, gele maanlandschap, omgeven door rotsen, behalve onder een enkele verlaten ‘Joshua Tree’.[2]
  2. voorzien van iets dat omgeeft (met, door)
  3. voltooid deelwoord van omgeven
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

1. zich eromheen bevinden

stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
omgeven gaf om omgegeven
klasse 5 volledig

Werkwoord

ómgeven

  1. overgankelijk ronddelen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. omgeven op website: Etymologiebank.nl

  2. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be