pan - WikiWoordenboek (original) (raw)
[1] Een pan.
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- pan
Woordherkomst en -opbouw
- Leenwoord uit het middeleeuws Latijn, in de betekenis van ‘ketel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | pan | pannen |
| verkleinwoord | pannetje | pannetjes |
Zelfstandig naamwoord
- (kookkunst) keukengereedschap om in te koken of braden
▸ Pogue floot een oude countryhit en Goldie verslond drie pannen pasta en praatte met volle mond aan één stuk door.[2]
▸ Het afwaswater werd tijdens het eten op het vuur verwarmd waarmee ik na de maaltijd de aangekoekte pannen schoon schrobde.[2] - dakpan
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. keukengereedschap om in te koken of braden
Gangbaarheid
- Het woord pan staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "pan" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
|---|---|
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
- ↑ "pan" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- 1 2
Tim Voors
“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Engels
| Naar frequentie | 4146 |
|---|
Uitspraak
Zelfstandig naamwoord
pan
- (kookkunst) pan [1]
- vat (in de vorm v.e. pan)
- (geologie) harde ondergrond
- (geologie) laagte
- (geologie) ijsschots
- zeer scherpe/negatieve kritiek
- (vulgair) smoel, tronie
Synoniemen
- [3] hardpan
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to pan |
| he/she/it | pans |
| verleden tijd | panned |
| voltooid deelwoord | panned |
| onvoltooid deelwoord | panning |
| gebiedende wijs | pan |
Werkwoord
to pan
- onovergankelijk, (filmkunst) pannen, panorameren
- overgankelijk, (geologie) erts wassen
- overgankelijk scherpe kritiek leveren op
Frans
Uitspraak
Tussenwerpsel
pan
- (spreektaal) pang!
«Il a pris sa flingue et pan pan pan! il l'a plombé.»
Hij pakte zijn blaffer en pang pang pang! pompte hem vol lood. [1]
Verwijzingen
- ↑ Wouw, Berry van de, Woordenboek populair Frans - Nederlands. Woordenboek van het Frans dat u op school nooit leerde, 2e druk, Breda: Uitgeverij Arti-Choc, 2014; p. 144
Papiaments
Zelfstandig naamwoord
pan m
Pools
Zelfstandig naamwoord
pan m
Spaans
Uitspraak
Woordafbreking
- pan
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| pan | panes |
Zelfstandig naamwoord
pan
Uitdrukkingen en gezegden
- Ser pan comido.
Een fluitje van een cent zijn, heel gemakkelijk zijn.
Toki Pona
pan in Sitelen Pona
Uitspraak
Woordafbreking
- pan
Woordherkomst en -opbouw
Zelfstandig naamwoord
pan