pappa - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pappa pappa's
verkleinwoord pappaatje pappaatjes

Zelfstandig naamwoord

de pappa m

  1. (informeel) benaming voor mannelijke ouder door zijn kind
    • Ik hernieuwde mijn pogingen vader te zijn: of mijn dochter toch niet komen wou. Desnoods met vriendinnetjes erbij - ze hoefde niet mee naar de opera, ik zou hen zelfs naar een megadiscotheek in Viareggio brengen.
      "En halen, pappa? Dat is juist het probleem. Jij komt altijd te vroeg." [2]
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
34 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. pappa op website: Etymologiebank.nl
  2. Meijsing, G. Tussen mes en keel. 6e druk (2001) De Arbeiderspers, Amsterdam/Antwerpen; ISBN 90 295 3076 6; p. 94; geraadpleegd 2018-12-04
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Middelnederlands

Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

de pappa m

  1. (informeel) benaming voor mannelijke ouder door zijn kind
    • Tote Spieren upten Rijn
      Es een gebeelde scone ende fijn
      In onser Vrouwen eere geset.
      Daer quam een wijf ende haer kint met,
      Ende soe knielde ende bat.
      Hare kindekijn stont vor hare ende at,
      Ende sach upt scone Jhesueel.
      Doe braect van sinen brode een deel
      Ende boot dien beeldekine. Daer na
      Seit in sijn Duutsch: ‘Pappa! pappa!’ [2]

Verwijzingen

  1. pappa op website: Etymologiebank.nl
  2. Maerlant, J. van (M. de Vries & E. Verwijs eds.) "Vanden kindekine dat an Jhesumme riep pappa. LXXI." (1283) in: "Spiegel historiael, eerste partie." (1863) op: Instituut voor Nederlandse Lexicologie Cd-rom Middelnederlands. (1998) Sdu Uitgevers/Standaard Uitgeverij, Den Haag/Antwerpen; p. 1353; geraadpleegd 2018-12-04

Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking

Zelfstandig naamwoord

pappa g

  1. vader
Verbuiging
pappas enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief pappa pappan pappor papporna
genitief pappas pappans pappors pappornas
Synoniemen
Afgeleide begrippen