pens - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pens pensen
verkleinwoord pensje pensjes

Zelfstandig naamwoord

de pens v / m

  1. (biologie) bij herkauwers de eerste afdeling van de maag
  2. (voeding) een gerecht bereid van (1)
  3. (informeel) buik
    • Die man heeft een flinke pens.
Verwante begrippen
Vertalingen

1. de eerste afdeling van de maag van herkauwers

Deens: vom (da) g Faeröers: vomb (fo) IJslands: vömb (is) Zweeds: våm (sv) g

2. een gerecht bereid van (1)

Engels: tripe (en) Xhosa: ulusu

3. buik

Engels: belly (en) Xhosa: ulusu

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "pens" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be