pret - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pret -
verkleinwoord pretje pretjes

Zelfstandig naamwoord

de pret v / m

  1. een genoeglijke en vrolijke ervaring
    • De kinderen hadden dikke pret in de verse sneeuw.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. "pret" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. pret op website: Etymologiebank.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Lets

Woordherkomst en -opbouw

Voorzetsel

pret

  1. tegenop

West-Vlaams

Zelfstandig naamwoord

pret

  1. prei