puncteren - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

puncteren [2]

stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
puncteren puncteerde gepuncteerd
zwak -d volledig
  1. (medisch) met een dun scherp voorwerp doorboren
  2. voorzien van stippen
  3. (muziek) muziekterm die de verlenging van een nootwaarde aangeeft door middel van een puntje achter een noot
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

57 % van de Nederlanders;
58 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. puncteren op website: Etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be