razen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
razen raasde geraasd
zwak -d volledig

Werkwoord

razen

  1. heel snel rijden
    • De sportwagen raasde met 180 km/uur over de snelweg.
  2. voortbewegen of overtrekken van een natuurverschijnsel dat gepaard gaat met veel geweld en schade veroorzaakt
    • Een zuidwesterstorm raast met hevige wind en slagregens over het land.
    • Een vloedgolf raast door het kustplaatsje.
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

2. voortbewegen of overtrekken van een natuurverschijnsel ...

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. "razen" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. razen op website: Etymologiebank.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be