sleeptouw - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Een sleeptouw verbindt de rubberboot links met de botter rechts.

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sleeptouw sleeptouwen
verkleinwoord sleeptouwtje sleeptouwtjes

Zelfstandig naamwoord

het sleeptouw o

  1. (scheepvaart) touw of kabel waarmee het ene schip het andere voorttrekt
    • Het sleeptouw brak en de reddingspoging mislukte.
Verwante begrippen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be