snede - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord snede sneden(snedes)
verkleinwoord sneetjesnedetje sneetjessnedetjes

Zelfstandig naamwoord

de snede v / m

  1. scherpte, de kant waarmee gesneden wordt
  2. snee, iets wat gesneden is
    1. (voeding) (kookkunst) moot, plak, schijf, snee
    2. (landbouw) oogst van een gewas dat meerdere keren per jaar geoogst wordt
  3. snee, plaats van doorsnijding
    1. (bij boeken) kant waar gestapelde pagina's van elkaar zijn losgesneden
  4. (vulgair) vagina
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  1. «op het scherp van de snede»
    [1] (bij een tweestrijd) met uiterste inzet
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. snede op website: Etymologiebank.nl
  2. Op het scherpst / scherp van de snede op site Taaladvies.net; geraadpleegd 2015-02-15
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be