soms - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

soms

  1. in een beperkt aantal gevallen of tijden dus niet altijd en overal
    • Zij gaan soms naar het strand, maar meestal naar de bergen.
      Als je het strand oploopt zie je soms vlaggen.[2]
      In een urinoir kan het ook soms moeilijk zijn om met iemand naast je te plassen.[3]
  2. misschien, wellicht
    • Jij ziet er wel heel verbrand uit. Heb je soms te lang in de zon gezeten?
Synoniemen

Zelfstandig naamwoord

de soms mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord som, munteenheid van Kirgizië
    • Heb jij nog enige soms over?
Opmerkingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. "soms" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink Weblink bron “Dit moet je weten over een mui, een plek die je de zee in kan sleuren”, NOS-stories

  3. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Nedersaksisch

Woordafbreking

Bijwoord

soms

  1. soms; in een beperkt aantal gevallen of tijden

Veluws

Woordafbreking

Bijwoord

soms

  1. soms; in een beperkt aantal gevallen of tijden