spoedig - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen spoedig spoediger spoedigst
verbogen spoedige spoedigere spoedigste
partitief spoedigs spoedigers -

Bijvoeglijk naamwoord

spoedig

  1. snel voltooid
    • Ik wenste hem een spoedig herstel.
      In een begeleidend citaat vertelt Muskee dat ze dixieland speelden op VVD-feestjes voor mensen met een clubsjaal en glazen sherry in de hand - niet leuk, een beetje oubollig. Hij stapte spoedig over naar The Rocking Strings, dat Shadows-achtige rock & roll speelde, compleet met pakjes en pasjes. Ze hadden een heel talentvolle gitarist, Muskees vriend Eelco Gelling.[2]
Vertalingen

1. binnen een kort tijdsbestek

Bijwoord

spoedig

  1. binnen een kort tijdsbestek
    • Uw bestelling zal zo spoedig mogelijk opgestuurd worden.
Synoniemen
Typische woordcombinaties

Ten spoedigste.

Vertalingen

1. binnen een kort tijdsbestek

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. "spoedig" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Bronlink geraadpleegd op 11 mei 2025 Weblink bron “Window of my eyes: Harry Muskee en de verloren tijd” (zaterdag 16 januari 2016, 13:44), NOS
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be