springen - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde wijs verleden tijd voltooid deelwoord
springen sprong gesprongen
klasse 3 volledig

Werkwoord

springen

  1. ergatief na zich tegen de zwaartekracht afgezet te hebben een korte vrije val door de lucht maken in een bepaalde richting
    • Hij sprong over de greppel.
      Een voorbeeld: wij moesten in de gymzaal over een leren bok springen en de leraar ving ons dan op aan de andere kant, zodat we niet op de harde vloer zouden vallen.[3]
      Eroverheen springen leek mij ook geen goed idee.[4]
  2. inergatief na zich tegen de zwaartekracht afgezet te hebben een korte vrije val door de lucht maken
    • Er werd gesprongen en gerend.
      Want ieder jaar gaat er een nieuw Pietje mee, klein genoeg om door de schoorstenen te roetsjen en handig in klauteren en springen.[5]
  3. ergatief traanvocht veroorzaken
    • De tranen sprongen hem in de ogen.
  4. ergatief plotseling breken of uit elkaar barsten
    • Door aanraking met de vlam sprong het glas in duizend stukken.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

Op allerlei manieren proberen iets te bereiken, echter zonder dat het lukt

Je kunt hoog en laag springen, het gebeurt niet.

Iets heel graag willen

Ik sta niet bepaald te springen om dat te gaan doen.

Vertalingen

1. na zich tegen de zwaartekracht afgezet te hebben een korte vrije val door de lucht maken

Zelfstandig naamwoord

de springen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord spring

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[6]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "springen" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. springen op website: Etymologiebank.nl
  3. “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024582280

  4. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  5. “Het hele jaar rond: van Sinterklaas tot Sintemaarten” (1973), Lemniscaat op Wikipedia, p. 11
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

Cimbrisch

Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

springen

  1. springen

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
stamtijd
infinitief verleden tijd voltooid deelwoord
springen /ˈʃpʀɪŋən/ sprang /ˈʃpʀaŋ/ gesprungen /gəˈʃpʀʊŋən/
Klasse 3 sterk volledig
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

springen

  1. springen
Afgeleide begrippen
aufspringen heraufspringen hereinspringen Springbrunnen Springer Springreiten Sprung überspringen zerspringen

Middelengels

Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

springen

  1. springen
Overerving en ontlening

Middelnederduits

Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

springen

  1. springen
Overerving en ontlening

Middelnederlands

Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

springen

  1. springen
Schrijfwijzen
Overerving en ontlening

Verwijzingen

Nedersaksisch

Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

springen

  1. springen
Schrijfwijzen
Synoniemen

Oost-Fries

Werkwoord

springen

  1. springen

Westfaals

Werkwoord

springen

  1. springen
Schrijfwijzen
Synoniemen