strook - WikiWoordenboek (original) (raw)
- In de betekenis van ‘reep’ voor het eerst aangetroffen in 1604 [1] [2] [3]
de strook v / m [4]
- (dun) object waarvan de lengte groot is in vergelijking met de breedte
- (textiel) [1], in het bijzonder van textiel of papier gemaakt
strook
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stroken
- gebiedende wijs van stroken
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stroken
| 98 % |
van de Nederlanders; |
| 99 % |
van de Vlamingen.[5] |
- ↑ "strook" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ strook op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be