strottenhoofd - WikiWoordenboek (original) (raw)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord strottenhoofd strottenhoofden
verkleinwoord strottenhoofdje strottenhoofdjes

Zelfstandig naamwoord

het strottenhoofd o

  1. (anatomie) bovenste deel van de luchtpijp
Synoniemen
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

1.

Duits: Kehlkopf (de) m Engels: larynx (en) Frans: larynx (fr) m Italiaans: laringe (it) v Maori: paeoro (mi) Pools: krtań (pl) v Roemeens: laringe (ro) m Russisch: гортань (ru) v Spaans: laringe (es) v Turks: gırtlak (tr)

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. strottenhoofd op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be